Ceausescu had het begin van de revolte tegen zijn regime gemist omdat hij op bezoek was in Iran. Pas op 20 december keerde hij terug en in een donderpreek op de televisie omschreef hij de opstand in de stad Timisoara als "een poging van buitenlandse machten om de soevereiniteit van Roemenië te ondergraven".
Ceausescu greep de volgende dag terug naar een beproefd recept uit de oude doos. Hij organiseerde een "spontane" massademonstratie van 110.000 aanhangers om de oppositie terug te fluiten.
Dat begon zoals steeds met het toejuichen van de "conducator" (leider), die zijn al even klassieke retoriek over het "succes van zijn socialistische revolutie" begon af te dreunen. Maar de verf pakte niet meer en mensen in de massa begonnen te joelen en slogans tegen het regime te roepen.
Toen steeds meer aanwezigen zich bij het protest aansloten, liep de toespraak van Ceausescu, die live werd uitgezonden op de televisie, volledig in het honderd. De dictator en zijn vrouw werden uitgejouwd en moesten uiteindelijk hun toevlucht in een partijgebouw zoeken.
Het einde van Ceausescu
Door het toelaten van de samenscholing van zo veel mensen in Boekarest toe te laten, had Ceausescu een gigantische blunder begaan. In plaats van hem te steunen, keerde de massa zich nu tegen hem.
Partijkantoren en symbolen van het communistische regime zoals officiële foto's van de gehate dictator werden vernield. Overal wapperden Roemeense vlaggen met een gat in het midden, daar waar het communistische logo was weggescheurd. Die werden het symbool van de revolutie die nu overal uitbrak.
Op diverse plaatsen openden militairen, politie en de gevreesde geheime dienst Securitate het vuur op de manifestanten, en tanks en pantserwagens verpletterden mensen, maar het protest hield aan.
In de ochtend van 22 december dachten de Ceausescu's nog steeds dat ze de toestand onder controle zouden krijgen. Toen kwam het nieuws over de al dan niet echte zelfmoord van minister van Defensie Vasile Milea. Zijn opvolger, generaal Victor Stanculescu, riep de troepen terug naar hun kazernes en daarop namen de Ceausescu's de vlucht met een helikopter, net voor betogers hun partijhoofdkwartier binnenvielen.
Het paar vluchtte naar de stad Targoviste, waar ze onderdoken, maar verraden werden. In de namiddag kwam het nieuws over de arrestatie van de Ceausescu's door het nieuwe regime. Dat liet hen in allerijl ter dood veroordelen en op kerstdag '89 werden Nicolae Ceausescu en zijn vrouw Elena door een vuurpeloton doodgeschoten.
Slagveld in straten en plein
Het nieuwe regime was onverwacht op 22 december, de dag van de arrestatie van Ceausescu opgestaan. Toen nam een nieuw "Frontul Salvarii Nationale" of Front voor Nationale Redding (FSN) een tv-station in en kondigde het een voorlopig bewind aan.
Dat front werd geleid door Ion Iliescu -een door Ceausescu opzijgeschoven communist-, door de hervormer Petre Roman (nu premier) en tal van anderen sloten zich daarbij aan. Onder hen dissidenten zoals de bekende mensenrechtenactiviste Doina Cornea en de Hongaars-Roemeense dominee Laszlo Tökes -die in Timisoara aan de basis van de revolutie had gelegen-, maar vooral ook legerofficieren en communisten van tweede rang die eieren voor hun geld kozen.
De revolutie was overigens nog geen succes. Leger en politie kozen nu weliswaar de kant van de burgers, maar het kwam tot hevige gevechten met aanhangers van Ceausescu en leden van de gevreesde Securitate, nu "terroristen" genoemd. Op straten en pleinen in de hoofdstad werd in het wilde weg geschoten.
Pas op 27 december keerde de rust terug en had het FSN Roemenië onder controle. Officieel zijn bij het geweld iets meer dan 1.100 mensen omgekomen, de meesten na de arrestatie van Ceausescu. Onder hen was voormalig VRT- en toen VTM-journalist Danny Huwé.
De ware toedracht van de revolutie-staatsgreep zou pas daarna aan het licht komen.
Jos De Greef





