De Commissie schreef haar regels over de euro als wettelijk betaalmiddel neer in een aanbeveling. Over drie jaar bekijkt ze of die nageleefd worden en of al dan niet bindende regels nodig zijn.
Centraal in de bevindingen van de EU-Commissie staat dat de euro "verplicht aanvaard" moet worden. Pas wanneer het verschil tussen het te betalen bedrag en de waarde van het biljet dat de koper aanbiedt te groot is, of wanneer de verkoper niet over genoeg wisselgeld beschikt, mag de betaling geweigerd worden.
Winkeliers die in hun zaak een bordje ophangen dat zegt dat biljetten van bijvoorbeeld 200 of 500 euro hoe dan ook niet aanvaard worden, schenden duidelijk dat principe, vindt de Commissie. Zo'n bordje ophangen mag dan ook niet.
In landen waar de prijzen afgerond zijn op 5 eurocent, om het gebruik van munten van 1 en 2 eurocent af te raden, moeten die kleine muntjes verplicht worden aanvaard.




